Getij houdt delta stabiel tot mens zich ermee bemoeit



Ondanks de wereldwijde bezorgdheid over de aantasting van rivierdelta's neemt de menselijke activiteit in de grootste rivierdelta's ter wereld toe. De winning van natuurlijke hulpbronnen, het vasthouden van sediment door reservoirs en de stijging van de zeespiegel zijn stuk voor stuk aantastingen van de delta’s waar getijdenwerking op van invloed is. Een team van onderzoekers van Wageningen University, Deltares, de Universiteit Twente (Bart Vermeulen, Water Engineering and Management) en de Technische Universiteit Delft laat de tegenstelling zien tussen de rol van getijden in natuurlijke delta's en delta's die onder de invloed van de mens staan.

Onder natuurlijke omstandigheden wordt een delta gestabiliseerd door de getijden. De processen waardoor oevererosie ontstaat, worden tegengegaan door de steeds wisselende getijdenstroming. Dat verklaart waarom onbeschermde stroomgeulen slechts langzaam van plaats veranderen. De getijden worden verzwakt door pieken in de rivierwaterafvoer. Daardoor ontstaat er onder extreme omstandigheden ruimte voor de opslag van het extra water uit de rivier, zodat het overstromingsrisico beperkt blijft. Bij sterkere getijden wordt de afvoer van rivierwater gelijkmatiger verdeeld over de verschillende aftakkingen in de delta, waardoor kleinere kanalen niet dichtslibben. ‘Maar er komen steeds meer menselijke activiteiten in delta’s,’ zegt Ton Hoitink (Professor of Environmental Fluid Mechanics). 'Er worden stormvloedkeringen gebouwd, er wordt nieuw land gewonnen en er wordt op grote schaal zand afgegraven om bouwmateriaal te winnen. Bij rivierdelta's over de hele wereld blijkt dat de getijdenbeweging in door de mens beheerste delta's vaak een destabiliserende rol speelt.’

In de Mekong-delta, die gevormd is onder invloed van het getij, heeft zandwinning recentelijk geleid tot substantiële erosie van de rivieroevers. In kanalen van de Rijn-Maas-delta zijn er ongeveer honderd door de rivier uitgesleten erosiekuilen gevonden. Dit heeft te maken met de veranderde getijdenbeweging na de bouw van de Haringvlietdam. De catastrofale overstroming in de Ganges-Brahmaputra-delta door de cycloon Aila, waardoor een ingedijkt poldergebied meer dan twee jaar onder water heeft gestaan, werd voorafgegaan door de erosie van de rivieroever aan de mond van de voormalige getijdenkanalen die werden geblokkeerd door de bedijking.


Er is nog weinig onderzoek gedaan naar de voorspelling van de verdere ontwikkeling van aangetaste rivierdelta's. Met bestaande delta-modellen kan de uitbreiding van rivierdelta's voorspeld worden. Daarbij gaat het in wezen om simulatie van het transport van sediment vanaf de bron in een stroomgebied tot de afzetplaats in de delta. De voorspelling van delta-erosie wordt bemoeilijkt door processen zoals consolidatie, het mengen van zand en klei, en de invloed van veenlagen. Hoitink: ‘Met het oog op de stijging van de zeespiegel, de afname van sedimentaanvoer en alle rechtstreeks door de mens veroorzaakte veranderingen in delta's is er behoefte aan een nieuwe generatie delta-modellen waarin gebruik gemaakt wordt van kwantitatieve geologische gegevens over de weerstand tegen erosie.’

UTwente>